Groenpeil

Welk energielabel hoort bij welke bouwperiode?

Bijgewerkt op 5 september 2026

Van alle kenmerken die we per woning kennen, voorspelt het bouwjaar het energielabel het sterkst. Dat is geen toeval: de bouwregels van het jaar waarin een woning is neergezet, bepalen de isolatie waarmee die woning begint. Later na-isoleren gebeurt lang niet overal, en gebeurt zelden even grondig.

De cijfers

Onderstaande verdeling gaat over 5.429.284 gelabelde woningen met een bekend bouwjaar (EP-Online, bestand september 2026).

Bouwperiode A of B C of D E, F of G Gelabelde woningen
voor 1945 25,9% 40,2% 33,9% 810.135
1945-1964 34,7% 42,1% 23,2% 739.940
1965-1974 44,7% 45,4% 9,9% 848.388
1975-1991 56,0% 42,3% 1,7% 1.228.331
1992-2005 91,3% 8,4% 0,3% 729.560
2006-2014 97,4% 2,4% 0,2% 518.025
2015 en later 97,9% 1,8% 0,3% 554.905

Twee sprongen vallen op. Tussen 1965-1974 en 1975-1991 zakt het aandeel E, F of G van 9,9% naar 1,7%. En tussen 1975-1991 en 1992-2005 springt het aandeel A of B van 56,0% naar 91,3%. Allebei zijn ze terug te voeren op regelgeving.

Voor 1945: massieve muren

Woningen van vóór 1945 zijn vaak gemetseld zonder spouw, met houten vloeren boven een kruipruimte en veel enkel glas. Er waren geen isolatie-eisen. Wat er nu aan isolatie zit, is er later ingebracht, en dat verklaart de brede spreiding: een derde van deze woningen zit op E, F of G, maar een kwart haalt inmiddels A of B na een grondige renovatie. Bij beschermd stadsgezicht gelden extra regels voor wat je aan gevel en dak mag doen.

1945-1974: snel en sober

In de wederopbouw werd gebouwd op tempo en met schaarse materialen. Spouwmuren kwamen op, maar zaten leeg. Daken en vloeren bleven ongeïsoleerd, glas was enkel of vroeg dubbel.

De oliecrisis van 1973 werd het keerpunt. Energie werd ineens duur en isolatie kwam op de agenda; de eerste isolatie-eisen in de bouwvoorschriften volgden kort daarna. Woningen uit 1965-1974 zijn van net vóór die omslag, en dat zie je: bijna de helft zit op C of D.

1975-1991: de spouw wordt gevuld

Vanaf het midden van de jaren zeventig werden spouwmuurisolatie en dubbel glas gangbaar in nieuwbouw. Naar de maatstaf van vandaag is die laag dun, maar het verschil met een lege spouw is groot. Daarom valt in deze periode het aandeel slechte labels bijna weg, terwijl A of B nog niet vanzelfsprekend is: ruim vier op de tien woningen staat op C of D.

Dit is in aantallen de grootste groep in de tabel, en tegelijk de groep met de meeste ruimte voor verbetering tegen redelijke kosten. Wat daar verstandige eerste stappen zijn, staat in een woning uit 1975-1991 verduurzamen.

1992-2005: Bouwbesluit en EPC

Met het landelijke Bouwbesluit van 1992 werden isolatie-eisen uniform en controleerbaar. Kort daarna kwam de energieprestatiecoëfficiënt (EPC): één getal voor het hele ontwerp, waardoor een bouwer isolatie, ketel en ventilatie tegen elkaar kon afwegen. Vanaf dat moment is nieuwbouw standaard voorzien van geïsoleerde schil en HR-glas. Het aandeel A of B springt naar ruim negen op de tien.

2006-2014: de EPC wordt aangescherpt

De EPC-eis is daarna stapsgewijs strenger geworden. Woningen uit deze jaren zijn goed geïsoleerd, hebben vaak mechanische of gebalanceerde ventilatie en halen bijna zonder uitzondering A of B.

2015 en later: naar BENG

Per 1 januari 2021 is de EPC vervangen door BENG, de eisen voor bijna energieneutrale gebouwen. BENG stelt drie afzonderlijke eisen: de maximale energiebehoefte in kilowattuur per vierkante meter per jaar, het maximale primair fossiel energiegebruik in dezelfde eenheid, en een minimumaandeel hernieuwbare energie (RVO). Zonnepanelen en warmtepompen zijn daarmee in nieuwbouw de regel geworden. Het aandeel A of B is met 97,9% praktisch het maximum.

Wat je met deze cijfers wel en niet kunt

Een bouwperiode is een verwachting, geen uitspraak over jouw woning. Binnen elke rij van de tabel zit spreiding: twee identieke rijwoningen uit 1978 kunnen drie labelstappen verschillen doordat de een wel en de ander niet is na-geïsoleerd. Gebruik het bouwjaar dus om te weten waar je waarschijnlijk moet kijken, en controleer daarna wat er werkelijk zit.

Wil je het geregistreerde label en bouwjaar van een specifiek adres zien, gebruik dan de adrescheck. Hoe we deze cijfers samenstellen en welke dekking eronder zit, staat in de methode.

Bronnen

Cijfers over energielabels komen uit EP-Online (RVO), bestand september 2026; de peildatum staat in de tekst. Zie de methode voor definities, dekking en beperkingen.

Verder in de gids

Alle artikelen in de gids

Wat geldt er voor jouw woning?

Vul een adres in voor het geregistreerde label en bouwjaar, met generieke stappen per bouwperiode en woningtype. Het adres wordt niet opgeslagen.